Bij het aanpassen van een bestaande machine of installatie stellen veel bedrijven zich de vraag of hun wijziging juridische gevolgen heeft voor de CE-markering. Het antwoord op die vraag hangt af van één centraal begrip: de substantiële wijziging. Wie dit begrip goed begrijpt, voorkomt juridische risico’s en zorgt ervoor dat zijn machines aantoonbaar veilig en compliant blijven.
Of u nu een productielijn moderniseert, een veiligheidscomponent vervangt of een machine een nieuwe functie geeft: de beoordeling van uw wijziging is bepalend voor uw verantwoordelijkheden. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over substantiële wijzigingen bij CE-markering, zodat u precies weet waar u aan toe bent.
Een substantiële wijziging bij CE-markering is een aanpassing aan een machine of installatie die de veiligheid van het product zodanig beïnvloedt dat het als een nieuw product moet worden beschouwd. Dit betekent dat de bestaande CE-markering vervalt en het volledige conformiteitsproces opnieuw moet worden doorlopen, inclusief een nieuwe risicobeoordeling en een nieuwe EU-conformiteitsverklaring.
Het begrip vindt zijn basis in de Europese Machinerichtlijn (2006/42/EG) en de opvolger daarvan, de Machineverordening (EU 2023/1230), die per 20 januari 2027 van kracht wordt. Beide kaders stellen dat een machine die substantieel wordt gewijzigd, wordt behandeld als een nieuw product dat voor het eerst in de handel wordt gebracht. De oorspronkelijke fabrikant heeft de machine immers niet in deze vorm goedgekeurd.
Het gaat nadrukkelijk niet alleen om grote, zichtbare aanpassingen. Ook een wijziging die op het eerste gezicht klein lijkt, kan substantieel zijn als die invloed heeft op veiligheidsrelevante onderdelen of op de beoogde gebruiksomstandigheden van de machine.
Een aanpassing geldt als substantieel wanneer die een nieuw gevaar introduceert, een bestaand risico vergroot of de oorspronkelijke veiligheidsmaatregelen van de machine ondermijnt. De beoordeling is altijd gebaseerd op de invloed van de wijziging op de risico’s die de machine met zich meebrengt, niet op de omvang of de kosten van de ingreep zelf.
Concrete voorbeelden van aanpassingen die doorgaans als substantieel worden beschouwd:
Aanpassingen die doorgaans niet als substantieel worden gezien, zijn vervangingen van gelijkwaardige onderdelen (like-for-like), regulier onderhoud en reparaties die de oorspronkelijke specificaties intact laten. Toch is voorzichtigheid geboden: zelfs een vervanging van een onderdeel kan substantieel zijn als de nieuwe versie andere veiligheidseigenschappen heeft.
De gevolgen van een substantiële wijziging zijn vergaand: de machine verliest juridisch gezien haar bestaande CE-status en moet opnieuw worden beoordeeld voordat zij in gebruik mag worden genomen of verder mag worden gebruikt. De partij die de wijziging doorvoert, neemt daarmee de rol van fabrikant op zich en is verantwoordelijk voor een volledig nieuw conformiteitsproces.
Dit heeft praktische gevolgen op meerdere vlakken:
Wie een substantiële wijziging doorvoert zonder opnieuw de CE-procedure te doorlopen, riskeert boetes en stillegging van de productie, en draagt aansprakelijkheid bij eventuele ongelukken. De consequenties zijn zowel financieel als juridisch ingrijpend. Een gedegen aanpak van industriële veiligheid is daarom geen bijzaak, maar een kernonderdeel van verantwoord machinebeheer.
Na een substantiële wijziging is de partij die de wijziging heeft doorgevoerd verantwoordelijk als fabrikant van de gewijzigde machine. Dit geldt ongeacht of die partij de oorspronkelijke fabrikant is, een externe aannemer of het bedrijf dat de machine in gebruik heeft. De verantwoordelijkheid volgt de wijziging, niet de oorspronkelijke productie.
In de praktijk betekent dit dat een bedrijf dat zelf een aanpassing doorvoert aan een gekochte machine, ineens in de rol van fabrikant terechtkomt. Dat is een positie met serieuze juridische verplichtingen: het opstellen van technische documentatie (onder de Machineverordening) respectievelijk een technisch constructiedossier (onder de Machinerichtlijn), het uitvoeren van een risicobeoordeling, het ondertekenen van een nieuwe EU-conformiteitsverklaring en het aanbrengen van een nieuwe CE-markering.
Ook wanneer een externe partij de wijziging uitvoert in opdracht van een bedrijf, is het belangrijk om contractueel vast te leggen wie de fabrikantrol op zich neemt. Onduidelijkheid hierover leidt bij een incident direct tot juridische complicaties. Zorg daarom altijd voor heldere afspraken en documentatie voordat een wijziging wordt uitgevoerd.
Fouten bij de beoordeling van een wijziging voorkom je door elke aanpassing systematisch te toetsen aan de vraag: introduceert of vergroot deze wijziging een risico dat niet in de oorspronkelijke risicobeoordeling is meegenomen? Wie deze vraag consequent stelt en documenteert, heeft een solide basis voor zijn beslissing en kan dit aantonen bij een inspectie of incident.
In de praktijk zien we regelmatig dat bedrijven een wijziging als niet-substantieel bestempelen op basis van gevoel of gewoonte, zonder een formele beoordeling te documenteren. Dit is een risico, want bij een incident of inspectie moet u kunnen aantonen hoe u tot uw oordeel bent gekomen.
Een andere veelvoorkomende fout is het onderschatten van de cumulatieve werking van meerdere kleine wijzigingen. Elke afzonderlijke aanpassing lijkt misschien onbeduidend, maar de combinatie kan de veiligheidssituatie van de machine fundamenteel veranderen. Houd daarom een wijzigingsregister bij en beoordeel aanpassingen ook in samenhang.
Een betrouwbare beoordeling begint met een gestructureerd wijzigingsbeheerproces. Stel voor elke geplande aanpassing een wijzigingsformulier op, laat dit beoordelen door een veiligheidskundige of CE-expert, en leg de conclusie vast met onderbouwing. Zo bouwt u een aantoonbaar en navolgbaar dossier op dat u beschermt bij vragen van toezichthouders of bij een eventueel incident.
Na een substantiële wijziging pak je de conformiteitsbeoordeling aan door het volledige CE-traject opnieuw te doorlopen, met de gewijzigde machine als uitgangspunt. Dit begint met het vaststellen welke richtlijnen of verordeningen van toepassing zijn, gevolgd door een nieuwe risicobeoordeling, het opstellen van bijgewerkte documentatie en het aanbrengen van een nieuwe CE-markering.
De stappen in het conformiteitsproces na een substantiële wijziging zijn:
Wij begeleiden industriële bedrijven door dit hele traject, van de eerste beoordeling van de wijziging tot en met de ondertekende EU-conformiteitsverklaring. Als onafhankelijk ingenieurs- en adviesbureau combineren we veiligheidskundige expertise met technische kennis, zodat u één aanspreekpunt heeft voor zowel de juridische als de technische kant van uw CE-traject.
Twijfelt u of uw geplande aanpassing substantieel is, of wilt u zeker weten dat uw conformiteitsproces juridisch solide is? Neem contact op met een van onze adviseurs voor een vrijblijvend gesprek. Een vroeg advies voorkomt kostbare fouten en zorgt ervoor dat u met vertrouwen verder kunt bouwen aan uw installaties.
Machines die vóór 20 januari 2027 substantieel worden gewijzigd, vallen nog onder de huidige Machinerichtlijn (2006/42/EG). Wordt de wijziging ná die datum doorgevoerd, dan is de Machineverordening (EU 2023/1230) van toepassing. Het is verstandig om bij lopende of geplande projecten al rekening te houden met de nieuwe eisen, zodat u niet voor verrassingen komt te staan wanneer de verordening van kracht wordt.
Niet per definitie, maar u moet uw beoordeling altijd schriftelijk onderbouwen en documenteren. Kunt u aantonen dat de wijziging geen nieuw gevaar introduceert, geen bestaand risico vergroot en de oorspronkelijke veiligheidsmaatregelen intact laat, dan kunt u gemotiveerd concluderen dat het geen substantiële wijziging betreft. Twijfelt u, schakel dan een CE-expert of veiligheidskundige in om de beoordeling te valideren — een gedocumenteerd second opinion is bij een inspectie of incident van onschatbare waarde.
Ja, absoluut. Aanpassingen aan de software of besturing van een machine kunnen substantieel zijn als ze het gedrag van de machine veranderen op een manier die de veiligheid beïnvloedt, zoals het wijzigen van veiligheidslogica, het aanpassen van noodstopprocedures of het uitbreiden van de automatiseringsgraad. Zelfs een software-update die functioneel klein lijkt, moet worden getoetst aan de vraag of de veiligheidssituatie verandert. Dit geldt ook voor aanpassingen aan PLC-programma's of veiligheidsrelais.
Dat hangt af van de risicocategorie van de gewijzigde machine. Voor de meeste machines is zelfbeoordeling (module A) toegestaan, waarbij u als fabrikant zelf de conformiteitsbeoordeling uitvoert en de EU-conformiteitsverklaring ondertekent. Voor machines die vallen onder Bijlage IV van de Machinerichtlijn — zoals persen, zagen of specifieke hefinrichtingen — is inschakeling van een Notified Body verplicht. Controleer altijd of uw gewijzigde machine in deze categorie valt, want na een substantiële wijziging wordt de machine opnieuw beoordeeld alsof het een nieuw product betreft.
Een deugdelijk wijzigingsregister bevat per aanpassing minimaal: een omschrijving van de wijziging, de datum van uitvoering, de naam van de uitvoerende partij, de beoordeling of de wijziging substantieel is (inclusief onderbouwing), en de conclusie met eventuele vervolgstappen. Voeg ook referenties toe aan relevante technische documenten, tekeningen of risicobeoordelingen die bij de wijziging horen. Dit register is uw eerste verdedigingslinie bij een inspectie en vormt de basis voor een aantoonbaar en navolgbaar veiligheidsbeleid.
In principe niet voor de gevolgen van de wijziging zelf: zodra een derde partij een substantiële wijziging doorvoert, neemt die partij de fabrikantrol over en draagt zij de bijbehorende aansprakelijkheid. De oorspronkelijke fabrikant blijft echter mogelijk aansprakelijk voor gebreken die al aanwezig waren vóór de wijziging, of als kan worden aangetoond dat de oorspronkelijke machine niet voldeed aan de toepasselijke eisen. Heldere contractuele afspraken en een goed gedocumenteerde overdracht van verantwoordelijkheden zijn daarom essentieel voor alle betrokken partijen.
In dat geval is een retroactieve inventarisatie de eerste stap: breng alle doorgevoerde wijzigingen zo goed mogelijk in kaart en beoordeel de cumulatieve impact op de veiligheidssituatie van de machine. Als de combinatie van wijzigingen de machine substantieel heeft veranderd ten opzichte van de oorspronkelijke CE-status, moet u alsnog het volledige conformiteitsproces doorlopen. Dit is ook het ideale moment om een structureel wijzigingsbeheerproces in te richten, zodat u toekomstige aanpassingen vanaf het begin correct documenteert en beoordeelt.