CE-markering is voor veel fabrikanten en machinebouwers een verplicht onderdeel van het proces om producten in de handel te brengen, maar de inhoud en reikwijdte van de bijbehorende eisen roepen regelmatig vragen op. Wat moet u precies aantonen, welke regels gelden er en waar gaan bedrijven het vaakst de mist in? In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen bij CE-markering, zodat u goed voorbereid aan uw traject begint.
Of u nu een machine in de handel brengt, bestaande installaties aanpast of zich voorbereidt op aankomende Europese wetgeving: een goed begrip van de onderliggende eisen is de basis voor een juridisch solide EU-conformiteitsverklaring. Lees verder voor heldere, directe antwoorden op de vragen die er in de praktijk het meest toe doen.
De CE-eisen worden bepaald door de Europese richtlijnen en verordeningen die van toepassing zijn op uw specifieke product of machine. Voor machines is de Machinerichtlijn (2006/42/EG) de meest relevante, maar afhankelijk van de eigenschappen van uw product kunnen ook de Laagspanningsrichtlijn, de EMC-richtlijn of de ATEX-richtlijn van toepassing zijn. Elke richtlijn stelt zijn eigen essentiële eisen.
Het bepalen welke richtlijnen op uw situatie van toepassing zijn, is dan ook de eerste stap in elk CE-traject. Een machine met elektrische componenten valt bijvoorbeeld tegelijkertijd onder de Machinerichtlijn en de Laagspanningsrichtlijn. Staat de machine in een explosiegevaarlijke omgeving, dan komt de ATEX-richtlijn daar bovenop. U dient voor elke van toepassing zijnde richtlijn aan alle essentiële eisen te voldoen voordat u de CE-markering mag aanbrengen.
Naast de huidige Machinerichtlijn is het belangrijk om te weten dat de Machineverordening (EU 2023/1230) per 20 januari 2027 van kracht wordt. Deze verordening vervangt de bestaande richtlijn. Een verordening heeft directe werking en hoeft niet nationaal te worden omgezet. Wat daadwerkelijk nieuw is ten opzichte van de Machinerichtlijn, zijn de eisen rondom cyberveiligheid (artikel 1.1.9), een uitbreiding van artikel 1.2.1 en de uitdrukkelijke toevoeging van machines met zelflerende systemen aan de reikwijdte. Het conformiteitsbeoordelingsproces zelf is vrijwel identiek aan dat onder de Machinerichtlijn. Bedrijven die nu al machines ontwerpen of in ontwikkeling hebben die na 20 januari 2027 in de handel worden gebracht, doen er verstandig aan rekening te houden met deze specifieke wijzigingen.
Risicobeoordeling voor CE-markering verloopt doorgaans conform de geharmoniseerde norm EN ISO 12100:2010. Dit proces bestaat uit het identificeren van gevaren, het inschatten van de bijbehorende risico’s en het treffen van maatregelen om die risico’s tot een aanvaardbaar niveau te reduceren. Het is gebruikelijk om EN ISO 12100:2010 als methodiek te hanteren — de wetgeving verplicht dit niet expliciet, maar de norm biedt een erkend en navolgbaar kader. De uitkomsten worden vastgelegd als onderdeel van het technisch constructiedossier onder de Machinerichtlijn, of als onderdeel van de technische documentatie onder de Machineverordening.
De norm hanteert een drietrapsaanpak die in de praktijk ook wel de “veiligheidshiërarchie” wordt genoemd. Eerst probeert u gevaren te elimineren via het ontwerp zelf. Als dat niet volledig mogelijk is, past u technische beveiligingsmaatregelen toe. Wat dan nog resteert, dekt u af met informatie en waarschuwingen aan de gebruiker. Deze volgorde is niet vrijblijvend: u moet aantoonbaar maken waarom u voor een bepaalde maatregel hebt gekozen en waarom maatregelen hoger in de hiërarchie in uw situatie niet haalbaar of toereikend waren.
Een goed uitgevoerde risicobeoordeling is navolgbaar, gedocumenteerd en juridisch houdbaar. Dit is ook precies wat toezichthouders en aangemelde instanties verwachten wanneer zij uw dossier beoordelen. Bij onze engineeringaanpak staat een gedegen risicobeoordeling altijd centraal in het CE-traject.
Een Europese richtlijn stelt de essentiële veiligheids- en gezondheidseisen vast waaraan een product moet voldoen, maar beschrijft niet hoe u dat technisch moet bereiken. Een geharmoniseerde norm is een technische standaard die concrete methoden en specificaties biedt waarmee u aan de eisen van de richtlijn kunt voldoen. De richtlijn is verplicht; de geharmoniseerde norm is in principe vrijwillig, maar biedt wel een vermoeden van conformiteit.
Dat “vermoeden van conformiteit” is in de praktijk bijzonder waardevol. Als u een geharmoniseerde norm volledig toepast, neemt de toezichthouder aan dat u aan de bijbehorende richtlijneisen voldoet. U hoeft dan niet apart te beargumenteren waarom uw oplossing veilig is. Kiest u voor een alternatieve technische aanpak, dan draagt u zelf de bewijslast om aan te tonen dat uw machine toch aan de essentiële eisen voldoet.
Geharmoniseerde normen worden gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie en zijn te herkennen aan de aanduiding “EN”, gevolgd door een normnummer. Voorbeelden die regelmatig van toepassing zijn bij machines zijn EN ISO 12100 voor de algemene risicobeoordeling, EN 62061 voor functionele veiligheid en EN ISO 13849 voor veiligheidsgerelateerde besturingssystemen.
Een aangemelde instantie (Notified Body) is verplicht wanneer de van toepassing zijnde richtlijn dit expliciet voorschrijft voor uw type product of risicocategorie. Bij de Machinerichtlijn geldt dit voor machines die zijn opgenomen in bijlage IV, zoals bepaalde houtbewerkingsmachines, persen en specifieke hef- en hijsinstallaties. Voor de meeste industriële machines kunt u de conformiteitsbeoordeling zelf uitvoeren.
Of een Notified Body verplicht is, hangt dus af van twee factoren: de richtlijn die van toepassing is en de categorie waarbinnen uw machine valt. Bij de ATEX-richtlijn gelden andere drempelwaarden dan bij de Machinerichtlijn. Het is daarom essentieel om dit vroeg in het CE-traject te beoordelen. Een verkeerde inschatting kan leiden tot onnodige kosten of, erger nog, tot een ongeldig CE-traject achteraf.
Wanneer een Notified Body wel verplicht is, toetst deze onafhankelijk of uw technisch constructiedossier en uw machine voldoen aan de eisen. De aangemelde instantie geeft vervolgens een certificaat af dat onderdeel wordt van uw conformiteitsdossier. Dit is een stap die u niet kunt overslaan of achteraf kunt toevoegen.
De meest voorkomende fouten bij CE-markering zijn: het niet of onvolledig bepalen van de van toepassing zijnde richtlijnen, een risicobeoordeling die niet aansluit op de werkelijke machine of installatie, een onvolledig technisch constructiedossier en een gebruikershandleiding die niet voldoet aan de richtlijneisen. Ook wordt de CE-markering soms aangebracht zonder dat het volledige conformiteitsproces is doorlopen.
Een veelgemaakte denkfout is dat CE-markering een administratieve formaliteit is die aan het einde van een project snel kan worden afgehandeld. In werkelijkheid begint het CE-traject al bij het ontwerp. Keuzes die u in een vroeg stadium maakt, zoals de materiaalkeuze, de indeling van besturingscomponenten of de toegankelijkheid van gevaarlijke zones, hebben directe gevolgen voor de risicobeoordeling en de overige elementen van het technisch constructiedossier — zoals de technische tekeningen, de toegepaste normen en de gebruikershandleiding.
Een andere veelvoorkomende fout betreft samengestelde machines. Wanneer meerdere machines worden gecombineerd tot een productielijn of installatie, is de samensteller verantwoordelijk voor de CE-markering van het geheel. Fabrikanten van de afzonderlijke onderdelen leveren dan een inbouwverklaring, maar de eindverantwoordelijkheid voor de integrale industriële veiligheid ligt bij degene die de combinatie in de handel brengt.
Tot slot onderschatten bedrijven regelmatig wat een “substantiële wijziging” aan een bestaande machine betekent. Wie een machine ingrijpend aanpast, kan daarmee juridisch gezien een nieuwe machine creëren waarvoor opnieuw een volledig CE-traject doorlopen moet worden. Twijfelt u of een aanpassing als substantieel kwalificeert, dan is het verstandig dit tijdig te laten beoordelen. Neem gerust contact op met onze adviseurs voor een vrijblijvend gesprek over uw specifieke situatie.
De doorlooptijd van een CE-traject hangt sterk af van de complexiteit van de machine, het aantal van toepassing zijnde richtlijnen en de volledigheid van de bestaande documentatie. Voor een relatief eenvoudige machine kunt u rekenen op enkele weken tot twee maanden; voor complexe installaties of machines die onder bijlage IV van de Machinerichtlijn vallen, kan dit oplopen tot zes maanden of meer. Hoe eerder u het CE-traject integreert in het ontwerpproces, hoe efficiënter en sneller het doorgaans verloopt.
Een technisch constructiedossier moet onder andere bevatten: een beschrijving van de machine en het beoogde gebruik, technische tekeningen en schema's, de risicobeoordeling conform EN ISO 12100, een overzicht van de toegepaste geharmoniseerde normen, testresultaten en berekeningen, en de gebruikershandleiding. Het dossier hoeft niet standaard ingediend te worden bij een toezichthouder, maar moet wel binnen een redelijke termijn beschikbaar zijn wanneer daarom wordt gevraagd. Onvolledigheid is één van de meest voorkomende redenen waarom een CE-dossier bij controle wordt afgekeurd.
Dat hangt af van de aard en omvang van de aanpassing. Kleine onderhoudsingrepen of het vervangen van gelijkwaardige onderdelen vereisen doorgaans geen nieuw CE-traject. Zodra een wijziging echter het oorspronkelijke ontwerp, de veiligheidsfuncties of het beoogde gebruik van de machine wezenlijk beïnvloedt, spreekt men van een 'substantiële wijziging' en moet u juridisch gezien een volledig nieuw conformiteitsproces doorlopen. Bij twijfel is het sterk aan te raden dit vooraf te laten beoordelen door een specialist, om achteraf aansprakelijkheidsrisico's te vermijden.
Een EU-conformiteitsverklaring geeft aan dat een machine volledig voldoet aan alle van toepassing zijnde richtlijnen en direct in gebruik genomen mag worden. Een inbouwverklaring wordt afgegeven voor onvolledige machines of machineonderdelen die bedoeld zijn om in een groter geheel te worden geïntegreerd, en die pas als onderdeel van die grotere machine in gebruik worden genomen. De samensteller van de uiteindelijke installatie is verantwoordelijk voor het opstellen van de EU-conformiteitsverklaring voor het geheel, waarbij de inbouwverklaringen van de afzonderlijke componenten deel uitmaken van het technisch constructiedossier.
De belangrijkste stap is om nu al in kaart te brengen welke machines u ontwerpt of in ontwikkeling heeft die na 20 januari 2027 in de handel worden gebracht, en te analyseren wat de Machineverordening daadwerkelijk verandert ten opzichte van de Machinerichtlijn. Wat echt nieuw is: de eisen rondom cyberveiligheid (artikel 1.1.9), een uitbreiding van artikel 1.2.1 en de toevoeging van machines met zelflerende systemen. Het conformiteitsbeoordelingsproces zelf is vrijwel identiek gebleven. Het is verstandig om uw documentatieprocessen en leveranciersafspraken tijdig te actualiseren op deze specifieke punten, zodat u niet op het laatste moment voor verrassingen staat. Houd er ook rekening mee dat machines die vóór 20 januari 2027 rechtmatig in de handel zijn gebracht, nog verkocht mogen worden vanuit de magazijnvoorraad — dit kan voor serie-producten nog jaren doorlopen.
Voor de meeste machines kunt u als fabrikant de conformiteitsbeoordeling zelfstandig uitvoeren en de CE-markering aanbrengen, mits u beschikt over de benodigde technische kennis en documentatie. Een extern bureau of adviseur is wettelijk gezien niet verplicht, maar in de praktijk wel waardevol: zij brengen specifieke expertise mee op het gebied van richtlijnen, normen en dossieropbouw, en verkleinen de kans op fouten die later tot aansprakelijkheid kunnen leiden. Alleen voor machines in bijlage IV van de Machinerichtlijn of producten onder bepaalde andere richtlijnen is inschakeling van een aangemelde instantie wettelijk verplicht.
De gevolgen kunnen aanzienlijk zijn: markttoezichtautoriteiten kunnen een verkoopverbod of terugroepactie opleggen, en u kunt aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit een onveilige machine. Daarnaast riskeert u reputatieschade en kunnen afnemers contractuele claims indienen. Het is verstandig onderscheid te maken tussen directe sancties zoals verkoopverboden en boetes, en praktische gevolgen zoals retourlogistiek en reputatieschade — dit zijn verschillende categorieën met elk hun eigen impact. Dit onderstreept waarom een zorgvuldig en volledig CE-traject geen kostenpost is, maar een investering in juridische en commerciële zekerheid.